Groene stroom is elektriciteit opgewekt uit duurzame energiebronnen.
Er zijn verschillende manieren waarop groene stroom opgewekt kan worden: met behulp van
* wind, met windturbines
* waterturbines die werken bij een sluis in een rivier.
* het verbranden van biomassa, bijvoorbeeld snoeiafval of
afvalhout uit de bouw of industrie
* zonne-energie, zonnestroom
* het verbranden van afval in afvalverbrandingsinstallaties
* geothermische energie
* golfslag energie (in ontwikkeling)
* getijd enenergie
Op dit moment, 2004, komt de meeste groene stroom uit biomassa uit bijstook, wind en waterkracht, in deze volgorde. Als naar de prijs wordt gekeken dan zijn windmolens een goedkope techniek waarmee veel groene stroom is op te wekken. Energie uit zonnepanelen is Nederland duur, omdat hier niet al te veel zon is. Als burgers zelf zonne-energie opwekken, dan gaat geconcurreerd worden met de consumentenprijs die een stuk hoger ligt dan de producentenprijs. Fabrikanten hebben voorspeld dat in 2014 in het zuiden van Duitsland zonnepanelen concurrerend zijn. Nederland zal dan nog een paar jaar moeten wachten. Als naar de producentenprijs wordt gekeken, dan gaat dat nog veel langer duren.
De prijs is echter maar 1 factor. Andere factoren zijn beschikbaarheid en betrouwbaarheid. Momenteel is zonne-energie de enige winbare en duurzame energiebron die overvloedig aanwezig is (vele malen meer dan het gebruik). Zowel windenergie en zonne-energie zijn in Nederland onbetrouwbaar. Zonne-energie in woestijnen is daarentegen zeer betrouwbaar. Het probleem van onbetrouwbaarheid kan worden tegengegaan door elektriciteitsnetten van verschillende landen aan elkaar te koppelen. Een combinatie met waterkracht uit bijvoorbeeld Noorwegen is ideaal, omdat waterkracht juist het voordeel heeft dat het elk moment aan en uit kan worden gezet, terwijl de bassins vol blijven lopen.
Groene stroom kan ook uit ouderwetse centrales komen. Daarin wordt vooral aardgas of steenkool verstookt. Als door de steenkool een deel biomassa wordt bijgemengd, mag een deel van de stroom als groene stroom worden verkocht. Achter opwekking van groene stroom door middel van verbranding van biomassa worden echter kanttekeningen geplaatst, bij de verbranding van biomassa komen ook vervuilende stoffen vrij. In veel tropische landen worden grondstoffen voor biomassa niet milieuvriendelijk verkregen. Zo wordt palmolie geproduceerd op plantages die zich bevinden op grond waarvoor tropische bossen gekapt moeten worden. Dit leidde er in Nederland toe dat de subsidie op sommige vormen van biomassa-groene stroom werd stopgezet.
Het idee achter groene stroom is dat daarmee de uitstoot van koolstofdioxide (CO2) en andere schadelijke emissies (NOx, SO2, roet, …) wordt verminderd. Daardoor zal de toename van het broeikaseffect wat vertragen.
Daar groene stroom onuitputtelijk is, zal het ook beschikbaar zijn voor de volgende generaties. Dit is niet zomaar het geval met fossiele brandstoffen. Ook zal onze afhankelijkheid van leveranciers van fossiele brandstoffen afnemen, als we meer groene stroom gebruiken.
Nederlandse situatie
De markt voor groene stroom is op 1 juli 2001 vrijgegeven door de overheid, waarna veel consumenten overstapten op groene stroom. Het streven is 20 procent duurzame energie te produceren in 2020 en te besparen op energieverbruik. De overheid subsidieerde tot 2005 het gebruik van groene stroom waardoor het ongeveer net zo duur werd als normale of grijze stroom. Momenteel is er alleen subsidie voor de energiebedrijven als de groene stroom in Nederland wordt opgewekt.
Producenten van groene stroom leveren hun elektriciteit aan het elektriciteitsnet. De stroom is daarna niet meer te onderscheiden bij de afnemers. Echter, de gebruikers sluiten een contract met een leverancier van groene stroom, daardoor kan een gebruiker toch groene stroom verbruiken.
Het systeem van groencertificaten is per 1 januari 2004 vervangen door garanties van oorsprong omdat groencertificaten in de praktijk fraudegevoelig bleken. De garantie van oorsprong zou een beter bewijs zijn dat de groene stroom op een duurzame wijze is opgewekt. Per 1 januari 2005 is daar de regeling stroometikettering aan toegevoegd.
In Nederland zijn er (januari 2007) zo'n 5,3 miljoen huishoudens die groene stroom gebruiken. Ongeveer de helft hiervan wordt in Nederland opgewekt, de andere helft wordt geïmporteerd.
De tweede kamer heeft besloten dat de overheid vanaf 2010, al zijn inkopen duurzaam moet doen. Ca 25% van alle elektriciteit wordt gebruikt voor infrastructuur of door overheidsorganisaties. Aangezien in 2007 slechts een paar procent van het totale elektriciteitsverbruik duurzaam is, zal in de komende jaren een grote verandering gaan optreden. Of een sterke groei in de opwekking van groene stroom, of in de definitie wat duurzaam is.
Het Groninger waterschap Noorderzijlvest kondigde eind november 2007 aan een nieuwe biogas energiecentrale te willen bouwen voor de opwekking van elektriciteit bij de rioolwaterzuivering in Garmerwolde. Deze zal door een biologisch proces elektriciteit en warmte opwekken uit menselijke uitwerpselen.
De installatie kost een miljoen euro, maar door de hoge energieprijzen verwacht het waterschap dat geld binnen drie jaar terug te verdienen. Er staat nu al een warmtekrachtkoppeling maar het rendement van de nieuwe installatie is veel beter. Naar verwachting levert dat een besparing op van 300.000 euro per jaar.