Technologiebedrijf Google investeert de komende 22 jaar 3,5 biljoen dollar in een nieuwe infrastructuur voor energieopwekking en -distributie. Dat levert een kostenbesparing van 4,4 biljoen op. En passant lost Google het energievraagstuk op.
Het bestuur van Google kan niet worden verweten dat het niet groot denkt. Het bedrijf probeert al alle informatie ter wereld te indexeren en doorzoekbaar te maken. De twee oprichters, Larry Page en Sergey Brin, hebben zichzelf een nieuw doel gesteld: de basis leggen voor schone energievoorzieningen voor het bedrijf en, daarmee, de wereld.
Bestuursvoorzitter Eric Schmidt legde tijdens het ECO:nomics-congres van de Wall Street Journal de gedachte achter het plan Clean Energy 2030 uit.
Google wil in 2030 geen CO2 meer uitstoten door klimaatneutraal te opereren. “We zijn een informatiebedrijf. Oplossingen voor het energieprobleem vergen veel informatie, dus wij profiteren ervan hieraan mee te helpen”. Bovendien behoort energie tot een van de grootste vaste kostenposten van het bedrijf. Schmidt: “Wat me verbaasde was, dat als we goed investeren dat we uiteindelijk geld bespáren”.
Om deze doelen te realiseren, investeert Google in het efficiënter maken van zijn eigen systemen en die van derden. Daarnaast neemt het bedrijf financiële belangen in ondernemingen die onderzoek doen en producten maken rondom hernieuwbare energie. Afgelopen jaar waren dat twee bedrijven: EGS en BrightSource Energy.
Schmidt lobbyde bij VS-president Barack Obama voor medewerking van de federale overheid voor de aanleg van nieuwe technische infrastructuur om energie uit het binnenland van de VS naar de grote steden te transporteren. “Het ziet er naar uit dat dat lukt”. Als het plan slaagt, is over 22 jaar eenderde van de energie afkomstig uit hernieuwbare bronnen als zon, wind en aardwarmte.
Schmidts volledige toelichting in beeld: